Wim van der Poel
Biography
Emerging viruses
Hepatitis E Virus
News Comments
Bat Lyssaviruses
Food-borne viruses
VirusTrack
Projects
Publications
Curriculum Vitae
Nederlands
Download EBLVs in bats NL
Emerging Zoonotic Viruses
Nederlands

Vleermuis Lyssavirussen
 
De Europese Vleermuis lyssavirussen (EBLVs)
Europese vleermuis lyssavirussen (EBLVs) behoren tot de soort Lyssavirus van de familie der Rhabdovirussen, en zijn een groep van negatief geladen enkelstrengs RNA virussen met een wereldwijde verspreiding. De lyssavirusen kunnen worden onderverdeeld in maar liefst 7 genotypen. Naast EBLV1 (genotype V) gaat het om EBLV2 (genotype VI) klassiek rabiesvirus, RABV (I), Lagos vleermuis virus, LBV (II), Mokola virus MOKV (III) en het Australisch vleermuis Lyssavirus (ABLV) (VII).

Rabiës bij vleermuizen in Europa
EBLVs zijn gevonden in diverse vleermuissoorten en meerdere vleermuissoorten zouden gevoelig kunnen zijn voor deze groep van virussen. In Nederland is het klassiek rabiës virus (genotype I lyssavirus) uitgeroeid bij vossen in het begin van de negentiger jaren. Maar EBLVs zijn endemisch (=gewoonlijk voorkomend) in vleermuizen Nederland. De laatvlieger (Eptesicus serotinus) wordt beschouwd als het belangrijkste reservoir van EBLV1 in Nederland en de omgevende andere Europese landen. Het reservoir bij vleermuizen van EBLV2 virussen zijn de vleermuizen van de soort Myotis en wel de Myotis Dascycneme, de meervleermuis en de Myotis daubentonii, de watervleermuis.
 
Gevaar voor de volksgezondheid
Rabiës van vleermuizen wordt gezien als een bedreiging voor de volksgezondheid en een belangrijke zoonose in landen waar dit virus normaal voorkomt bij vleermuizen. Een beet van een EBLV geïnfecteerde vleermuis kan bij mensen een fatale hersenontsteking tot gevolg hebben. Tot op heden zijn er 4 van dit soort fatale gevallen gerapporteerd in Europa. Het meest recente geval was een 56-jarige  vleermuis liefhebber in 2002 in Schotland die werd gebeten in zijn hand door een Daubenton vleermuis.
 
Rabies preventie en bestrijding
Met het doel om rabiës infecties bij mensen die worden gebeten door rabiës geïnfecteerde dieren, te voorkomen, worden alle slachtoffers van bijincidenten met rabiës verdachte dieren onderworpen aan een zogenaamde “post exposure profylaxe” volgens WHO- (Wereld Gezondheidszorg Organisatie) richtlijnen (WHO/EMC/ZOO/96.6). Dat betekent dat deze mensen gevaccineerd worden en/of antistoffen krijgen toegediend. Vleermuizen die betrokken zijn bij contact incidenten in Nederland worden getest op rabiës als het betreffende dier (of kadaver) beschikbaar is of gevangen kan worden.

Surveillance van vleermuis lyssavirussen
Om een goed beeld te krijgen van de incidentie en verspreiding van rabiës bij inheemse vleermuizen in Nederland, worden gegevens van vleermuizen die worden getest op rabiës virus verzameld en geanalyseerd. Ten behoeve van een moleculaire typering van de circulerende EBLVs worden RT-PCR tests op vleermuis monsters uitgevoerd. Vervolgens worden ook fylogenetische analyses met erfelijk materiaal van het virus uitgevoerd om verbanden en ontwikkelingen te kunnen volgen. Naast zieke en dode vleermuizen worden vleermuizen bij bijtincidenten onderzocht. Tenslotte worden er ook vleermuizen gevangen voor onderzoek bij gezonde dieren (pro-actieve surveillance).
BiographyEmerging virusesHepatitis E VirusNews CommentsBat LyssavirusesFood-borne virusesVirusTrackProjectsPublicationsCurriculum Vitae